Waarderingskamer

1 WOZ-Journaal Mei 2015

Nieuwsbrief Waarderingskamer over de Wet Waardering Onroerende Zaken

De nieuwe WOZ-waarden zijn weer bekend gemaakt. Mede door de blijvende aandacht voor kwaliteit van gegevens en goede taxaties en door steeds meer informeel communiceren is het aantal bezwaren lager dan in voorgaande jaren.
Maar het aantal bezwaren als graadmeter hoe het er voor staat met de uitvoering van de Wet WOZ en met het vertrouwen in de WOZ, kent ook ook een aantal duidelijke aandachtspunten. Minder bezwaarschriften zien we bijvoorbeeld alleen bij de woningen. Bij de niet-woningen ligt het percentage bezwaren veel hoger en stijgt het ook. Natuurlijk is met bijvoorbeeld de ontwikkelingen op de kantorenmarkt en de winkelmarkt de taxatie van niet-woningen op dit moment erg lastig, maar juist voor deze categorie zal de komende tijd extra aandacht geschonken moeten worden aan "goede gegevens, deugdelijke taxatiemodellen en vakbekwame mensen". En ook bij de niet-woningen kan meer aandacht voor informeel contact met belanghebbenden helpen om de kwaliteit en de acceptatie van de WOZ-waarde te verbeteren.

WOZ in de praktijk

MijnOverheid

In 2015 zijn er veel meer WOZ-beschikkingen en aanslagbiljetten voor lokale belastingen digitaal verzonden via de Berichtenbox van MijnOverheid. Begin 2015 hebben in totaal ruim 750.000 aanslagbiljetten voor lokale belastingen de burger digitaal bereikt. Het niet meer op papier verzenden van deze aanslagbiljetten is positief op terrein van duurzaamheid, doelmatigheid en dienstverlening aan de burger.

Met name een aantal belastingsamenwerkingen heeft  dit jaar de overstap gemaakt naar deze vorm van dienstverlening, zoals Oost-Brabant (BSOB, zes gemeenten), Limburg (BsGW, dertig gemeen¬ten) en Utrecht (BghU, zeven gemeenten). Maar ook gemeenten als Almere, Deventer, Eindhoven, Groningen, Noordoostpolder, Olst-Wijhe en Raalte hebben de voordelen van de Berichtenbox ervaren.

Ook de Belastingdienst verzendt steeds meer post via deze Berichtenbox. Mede hierdoor groeit het aantal burgers dat beschikt over een account op MijnOverheid en daarmee over een Berichtenbox snel. Op weg naar "Digitaal 2017" gaan we ervan uit dat volgend jaar de meeste gemeenten de voordelen van de Berichtenbox gaan benutten. Door zowel de aanslagbiljetten via MijnOverheid te verzenden als de WOZ-taxatieverslagen via MijnOverheid te presenteren krijgt de burger de digitale dienstverlening rondom de WOZ-waarde aan één steeds beter en breder gebruikt loket.

Voortgang LV WOZ

Op dit moment zijn vijf gemeenten (Capelle aan den IJssel, Goirle, Best, Vught en Baarn) aangesloten op de Landelijke Voorziening WOZ (LV WOZ). Elk van de betrokken ondersteunende softwareleveranciers is nu bezig met de ondersteuning van een tweede gemeente om meer ervaring op te doen met het aansluiten van een gemeente. Met het toenemen van de ervaring, verloopt ook het aansluiten zelf steeds sneller.

Van belang is wel dat gemeenten zich voorbereiden op deze aansluiting. Naast de BAG-WOZ-koppeling verdient daarbij een werkende digi¬koppeling aandacht alsmede een optimalisering van de WOZ-administratie waarvoor de leveranciers al tools voor hun klanten beschikbaar hebben.
Inmiddels ontvangen ook afnemers zoals Belastingdienst, waterschappen en CBS gegevens uit de LV WOZ.

Proceskostenvergoeding

Wanneer men zich bij een bezwaarprocedure of een beroepsprocedure tegen de WOZ-waarde laat ondersteunen door een professionele deskundige, dan kan de belanghebbende, wanneer hij of zij gelijk krijgt, in aanmerking komen voor een vergoeding van de kosten. De hoogte van de vergoeding wordt voor een belangrijk deel bepaald door een puntensysteem dat geregeld is in het Besluit proceskosten bestuursrecht.

Sinds 1 januari 2015 is artikel 3 van dit besluit gewijzigd. Het besluit definieert nu eenduidiger, wanneer sprake is van samenhangende zaken. Deze wijziging is er op verzoek van gemeenten gekomen, omdat in een aantal gevallen de door hen te betalen proceskostenvergoedingen voor WOZ-procedures hoog waren in relatie tot de complexiteit van de ondersteuning die de deskundige had geboden.

Dat het behandelen van een aantal WOZ-bezwaren als één samenhangende zaak grote invloed kan hebben op de hoogte van de vergoeding blijkt uit een recente uitspraak van de Hoge Raad. De gemeente had op één aanslagbiljet de WOZ-waarden vastgesteld van een woning, een woon/winkelpand, een atelier/werkruimte en een horecapand. De eigenaar van deze onroerende zaken diende vier afzonderlijke bezwaarschriften in tegen deze WOZ-waarden.
De gemeente verminderde hierop in één geschrift de desbetreffende WOZ-waarden. De belanghebbende vond dat hij recht had op vier keer proceskostenvergoeding, omdat hij vier bezwaarschriften had ingediend. Zowel het Hof Arnhem als de Hoge Raad stelden vast dat het maar om één beschikking ging en dus om één "samenhangende zaak". De belanghebbende had daarom maar recht op eenmaal een vergoeding. Wel was het zo dat de vermenigvuldigingsfactor werd gesteld op 1,5 in plaats van 1. Met deze factor werd rekening gehouden met het feit dat de onroerende zaken onderling sterk van karakter verschilden.

Ook al bevat een aanslagbiljet meerdere WOZ-waarden, het blijft "één beschikking" waarvoor een succesvol beroepschrift recht geeft op één proces-kostenvergoeding. Natuurlijk moet de gemeente en de rechter de bezwaren tegen de verschillende onroerende zaken dan ook wel "samenhangend" behandelen. De uitspraak is te vinden onder ECLI:NL:HR:2015:19

plaatje hamer

Gebruik TIOX

Het systeem TIOX waarmee op een geautomatiseerde manier de taxatiewijzers voor incourante objecten worden toegepast, wordt nagenoeg landelijk gebruikt (ruim 90% van de gemeenten en draagt duidelijk bij aan de kwaliteit van de WOZ-taxaties voor een groot aantal objecten. Voor de waardepeildatum 1 januari 2014 (dus de WOZ-beschikkingen van dit jaar) zijn ruim 229.000 WOZ-objecten getaxeerd met TIOX tot een totale WOZ-waarde van ruim € 126 miljard. Voor waardepeildatum 2013 ging het nog om 194.000 WOZ-objecten (€ 105 miljard).

Handelsregister en Vestiging

Steeds meer gemeenten optimaliseren de koppeling tussen hun WOZ-administratie en het Handelsregister. Die koppeling is van groot belang om te zorgen dat bij alle niet-natuurlijke personen (NNP) ook bijvoorbeeld correcte naamgegevens staan en vooral ook het correcte RSIN. Dat RSIN is bij afnemers zoals de Belastingdienst van heel groot belang.

Gemeenten zijn zich ook steeds meer bewust van de mogelijkheid om een Vestiging zoals geregistreerd in het Handelsregister te koppelen in hun (WOZ ) administratie. Dat kan nuttig zijn wanneer je bijvoorbeeld de plaatselijke vestiging van AH een vergunning voor een braderie wil geven. Het koppelen aan de rechtspersoon zou er dan toe leiden dat deze vergunning naar het hoofdkantoor wordt gestuurd.

Voor de WOZ is echter de hoofdregel dat je bij voorkeur koppelt aan een niet-natuurlijk persoon (NNP) met gebruikmaking van het RSIN. Op dezelfde manier koppel je bij voorkeur aan een natuurlijk persoon (NPS) met gebruikmaking van het BSN in plaats van aan de Vestiging van een eenmanszaak. Deze koppeling leidt er "automatisch" toe dat je (verplicht) gebruik maakt van de naam- en adresgegevens uit het Handelsregister of de Basisregistratie Personen. Het adres voor de eigenarenbeschikking is dan het adres van het hoofdkantoor van AH of het woonadres van de eigenaar van deze eenmanszaak.

Voor de WOZ-beschikking voor de gebruiker is het wel mogelijk een Vestiging (VES) aan te wijzen als gebruiker. In die gevallen leg je de relatie met de VES. Je gebruikt dan ook "automatisch" het post-adres van de (lokale) vestiging zoals dat in het Handelsregister staat ingeschreven.

De vraag "wanneer koppel je een belanghebbende aan een niet- natuurlijk persoon (NNP)/natuurlijk persoon (NPS) en wanneer aan een Vestiging (VES)" speelt echter zeker niet alleen bij de WOZ. Daarom heeft de Waarderingskamer bij KING nadrukkelijk aandacht gevraagd voor dit onderwerp bij de modernisering van het Referentiemodel voor het Stelsel van Gemeentelijke Basisgegevens RSGB 3.0.

Waarderingskamer

Strategie 2015 - 2020

Eind november 2014 heeft de Waarderingskamer de strategie voor de periode 2015 – 2020 vastgesteld. Het document waarin deze strategie is vastgelegd, beschrijft de belangrijkste ontwikkelingen die we in deze periode verwachten met betrekking tot de WOZ-uitvoering. De WOZ-uitvoering is immers geen doel op zich, maar moet invulling geven aan de maatschappelijke behoefte aan betrouwbare waarden van onroerende zaken ten behoeve van diverse toepassingen. In een veranderende maatschappij is deze behoefte ook aan ontwikkeling onderhevig.

Wij verwachten dat in de komende periode door de maatschappij hogere eisen zullen worden gesteld aan de kwaliteit, de continuïteit en de efficiency van de WOZ-uitvoering. Daarbij willen belanghebbenden steeds meer invloed op de totstandkoming van de WOZ-waarde en die invloed krijgen ze ook.

De invloed geschiedt voor een belangrijk deel door gebruik te maken van moderne digitale technieken. Maar het informele persoonlijke contact blijft een belangrijke schakel om het vertrouwen in de juistheid van de WOZ-waarde te optimaliseren.

Tegelijkertijd verwachten wij dat de WOZ-waarden en de onderliggende gegevens een steeds belang-rijkere schakel zullen vormen in de presentatie van de overheidsinformatie uit verschillende basis-registraties aan inwoners en bedrijven. De openbaarheid van de WOZ-waarde van woningen kan daarbij als een katalysator worden gezien. De invloed van belanghebbende op de totstandkoming van de WOZ-waarde gaat daarbij steeds meer hand in hand met de invloed van belanghebbenden op het beheren van "zijn eigen gegevens".

De Waarderingskamer wil vanuit een onafhankelijke positie, als kleine hoogwaardige organisatie, haar kennis en expertise over de WOZ-waarde-bepaling (in brede zin) gebruiken om het vertrouwen in de WOZ-uitvoering te bevorderen. Om dat te realiseren richten wij ons de komende vijf jaar vooral op een WOZ-proces waarin sprake is van vakbekwame medewerkers, deugdelijke taxatie-modellen en gecontroleerde object¬kenmerken.

De toezichtstrategie is de basis voor het werk van de Waarderingskamer in de genoemde periode. De strategie wordt jaarlijks uitgewerkt in een werkplan dat ook op onze site wordt gepubliceerd. In 2017 zullen we de geschetste strategie tussentijds evalueren.

 

Interview Mathilde Witkam

foto Mathilde Witkam

Sinds september 2014 werkt Mathilde Witkam bij de Waarderingskamer.
Mathilde heeft in Utrecht internationaal publiekrecht gestudeerd met als specialisme Islamitisch recht. Na wat omzwervingen in het Midden-Oosten als juriste is ze weer in Nederland beland. Daar heeft ze bij de Rijksdienst voor het wegverkeer en de Belastingdienst gewerkt. Verder heeft ze bij een juridische dienstverlener gewerkt die namens burgers bezwaar maakt bij gemeenten tegen hun WOZ-beschikking. Op die manier is ze via het Midden-Oosten in de WOZ-wereld terecht gekomen.

We willen graag van Mathilde weten waarom zij het leuk vindt om bij de Waarderingskamer te werken.
"Wat mij aanspreekt is de kleine platte organisatie met collega’s die ieder een specialiteit hebben en toch allemaal werken binnen het WOZ-vakgebied. Wat ik verder bijzonder vind, is de wijze waarop met nieuwe medewerkers wordt omgegaan. Na het prettige sollicitatiegesprek met mijn toekomstige collega’s, vind ik het bijzonder dat ik nog tijdens mijn zwangerschapsverlofperiode ben aangenomen. Dit zorgde voor een extra warm welkom."

Mathilde vertelt ook over haar verwachtingen over het werken bij de Waarderingskamer.
"Ik spreek nu bijvoorbeeld via de telefoon al veel mensen en ook veel belanghebbenden. Eigenlijk is iedereen best wel positief, maar sommige dingen zijn toch wel moeilijk in de Wet WOZ en daarom ook moeilijk uit te leggen. Ik verwacht binnen deze organisatie nog verder te kunnen groeien en op die manier ook een bijdrage te leveren aan een breed vertrouwen in het systeem van de Wet WOZ. En hoewel mijn juridische achtergrond wellicht anders doet vermoeden, denk ik ook dat informeel contact vaak veel meer oplost dat een formele procedure.
Je krijgt bij de Waarderingskamer alle gelegenheid om jezelf te ontwikkelen. Zoals men hier zegt: ‘Het werk ligt voor het oprapen, je hoeft alleen maar te bukken."

Is er nog specifiek iets wat je als medewerker van een toezichthouder als uitdaging ziet?
"Mijn  specifieke werkzaamheden zijn op dit moment vooral het behandelen van  juridische vraagstukken, zoals bijvoorbeeld wat te doen met een medebelanghebbendebeschikking. Dat speelt vaak op voor belanghebbenden lastige momenten, zoals na een overlijden.
Op korte termijn is het actualiseren van de vraagbaak waardebepaling, de snel naderende openbaarheid van de WOZ-waarden van woningen en de verdere uitbreiding van het aantal gemeenten dat de WOZ-uitvoering overdraagt aan een samenwerkingsverband en ons toezicht daarop wel een uitdaging. Voor de langere termijn de afhandeling van WOZ-bezwaren in relatie tot de kwaliteit en met name de onderlinge verhoudingen ten opzichte van WOZ-waarden van vergelijkbare objecten. En ik vind bestuursrecht echt heel leuk!"

Mathilde geeft de redactie van het WOZ-journaal tot slot de volgende quote mee. "Als juriste ben ik van mening dat je altijd een zaak van  beide kanten moet kunnen bepleiten. Inleven in de andere kant verrijkt daarbij je eigen inzicht."

Gebruik sociale media

In het eerste kwartaal is er altijd veel aandacht voor de WOZ in de media. Dit jaar was dat niet anders. De sociale media (Twitter, Facebook, etc.) worden daarmee steeds belangrijker.
Het grote voordeel van de sociale media is dat er veel meer mogelijkheden zijn voor interactie. Belanghebbenden kunnen reageren op berichten die door een gemeente worden geplaatst. Maar wat veel belangrijker is, is dat gemeenten kunnen reageren op berichten van hun inwoners. We zien hele leuke voorbeelden van gemeenten die heel snel en actief reageren. Dat kunnen reacties zijn op vragen die bijvoorbeeld via een tweet aan de gemeente worden gesteld, maar het kan ook een actieve reactie zijn op een algemene tweet.
Bijvoorbeeld een gemeente die een retweet stuurt, wanneer iemand in een tweet verwijst dat hij van zijn gemeente nog geen WOZ-waarde heeft ontvangen.  Door dan in de retweet expliciet de datum te noemen wanneer de aanslagbiljetten worden verzonden, geef je als gemeente passende informatie.

Gemeenten die actief zijn op de sociale media, met name ook in het reageren op anderen, krijgen daarop steeds positieve reacties. "Webcare" kan daarbij zeker bijdragen aan een toenemend vertrouwen in de WOZ-uitvoering. Gemeenten of samenwerkingsverbanden die voor de WOZ nog niet actief zijn met deze vormen van interactie bevelen wij van harte aan om te kijken naar de positieve ervaringen die er inmiddels zijn opgedaan.