Waarderingskamer

Afbakening energienetwerken

Wat zijn energiedistributienetwerken?

Onder een energienetwerk verstaan we het geheel van leidingen, distributiekasten, trafo's etc. in eigendom en beheer bij één, waarop een groot aantal woningen, bedrijven en ander objecten zijn aangesloten om deze van energie te voorzien.

Hoe wordt een energiedistributienetwerk afgebakend?

Het energienetwerk dat in eigendom en beheer is bij één partij wordt als één WOZ-object afgebakend. In het verleden werden vaak alle op straat zichtbare onderdelen van het netwerk, zoals distributiekasten, trafo's etc. elk afzonderlijk als een WOZ-object afgebakend. De eigenaar kreeg toen voor een groot aantal objecten afzonderlijk een waarde en afzonderlijk een aanslag. Deze afbakening is onjuist, want al deze losse onderdelen zijn door kabels met elkaar verbonden en deze kabels zijn ook eigendom van dezelfde eigenaar beheerder.

Een energiedistributienetwerk binnen een gemeente moet voor de WOZ gezien moet worden als één onroerende zaak, omdat het een samenstel vormt. Belangrijk argument is ook de verbondenheid door de energiekabels (ook al worden die kabels zelf bij de waardebepaling op grond van de werktuigenvrijstelling buiten aanmerking gelaten.

Met het oog op de energiebelasting is de afbakening als één WOZ-object ook gunstiger voor de belanghebbende.

Moeten alle trafo's etc. van een energiedistributienetwerk in kaart gebracht zijn?

De bovengrondst onderdelen van het energiedistributienetwerk bepalen de waarde van het netwerk voor de WOZ. De ondergrondse kabels en leidingen zijn voor de WOZ-waardebepaling immers uitgezonderd in verband met de werktuigenvrijstelling. Om op grond van de taxtiewijzer een taxtie te kunnen maken van het netwerk moet bekend zijn welke soorten trafo's etc voorkomen en hoe vaak. Om dit in beeld te brengen is het goed om afstemming te zoeken met de eigenaar/beheerder van het energiedistributienetwerk.

Wat zijn de gevolgen van een onjuiste afbakening van energiedistributienetwerken?

Voor de onroerende-zaakbelastingen maakt het niet veel uit of de belastingplichtige één aanslag krijgt voor het gehele netwerk of een heleboel aanslagen voor de afzonderlijke trafo's etc. Maar voor de energiebelastingen heeft een onjuiste objectafbakening grote gevolgen. Bij de heffing van de energiebelastingen volgt de Belastingdienst in beginsel de objectafbakening die gemeenten maken voor de WOZ.

Omdat in het verleden gemeenten deze netwerken veelal als een groot aantal afzonderlijke WOZ-objecten hebben afgebakend, heeft de Belastingdienst in een overgangsperiode zelf de objectafbakening van deze netwerken voor de energiebelastingen aangepast. Wanneer deze overgangsperiode is afgelopen, volgt de Belastingdienst weer volledig de gemeentelijke WOZ-objectafbakening en hebben de belastingplichtigen dus groot belang bij een correcte WOZ-afbakening.

Vanaf Belastingjaar 2019 zal de Belastingdienst weer volledig de WOZ-objectafbakening van de gemeente volgen bij de energiebelasting.

Moet een energiedistributienetwerk worden geregistreerd met een groot aantal WOZ-deelobjecten?

Het is inderdaad van belang om de onderdelen van het netwerk die de waarde bepalen (trafo's, distributiekasten, etc.) te registreren als afzonderlijk WOZ-deelobject. Deze deelobjecten hebben dan afzonderlijk een waarde afgeleid uit de kengetallen van de taxatiewijzer. De WOZ-waarde van het netwerk volgt dan uit de optelling van deze WOZ-deelobjecten.

Door alle WOZ-deelobjecten afzonderlijk vast te leggen (bij voorkeur ook gekoppeld aan een kaart) wordt het eenvoudiger om te beoordelen of het gehele netwerk in beeld is en wordt ook de afstemming met de administratie van de eigenaar/beheerder eenvoudiger.

Moet het energienetwerk gekoppeld worden aan een groot aantal kadastrale percelen?

In het verleden werden alle trafo's etc. geregistreerd als zelfstandig WOZ-object. Voor een WOZ-object geldt de eis dat deze gekoppeld moet zijn aan een kadastraal perceel of een kadastraal appartement. Wanneer het energiedistributienetwerk als één veelomvattend WOZ-object wordt vastgelegd is het niet nodig om elke trafo's te koppelen aan een kadastraal perceel. Eén koppeling aan een kadastraal perceel voor het gehele netwerk volstaat. Bij veranderingen in het netwerk, hoeven dan alleen de WOZ-deelobjecten aangepast te worden en leidt dit niet tot wijzigingen in de relaties naar de kadastrale percelen.